100 dagen. Een mooi rond getal. Lang genoeg om je eerste ervaringen op te doen. Kort genoeg om te beseffen hoeveel er nog te leren valt.
Voor veel nieuwe raadsleden voelt het waarschijnlijk alsof die installatie van gisteren was. En tegelijkertijd ook weer niet. Want in die 100 dagen is er veel gebeurd. Je eerste vergaderingen. Je eerste debat. Je eerste motie misschien. Je eerste momenten van twijfel.
Maar hopelijk ook je eerste momenten waarop je dacht:
Hé, ik begin dit te begrijpen.
Als ik terugkijk op de gesprekken die ik de afgelopen maanden heb gevoerd met raadsleden, griffiers, bestuursadviseurs en wethouders, dan zie ik eigenlijk steeds hetzelfde patroon.
Vrijwel iedereen begint met onzekerheid. Vrijwel iedereen denkt af en toe dat anderen het beter begrijpen. Vrijwel iedereen vraagt zich af of hij of zij het wel goed doet. En vrijwel iedereen groeit.
Misschien minder snel dan gehoopt. Maar vaak sneller dan gedacht. Daarom een gedachte-experiment.
Stel dat je vandaag een gesprek mocht voeren met jezelf op de dag van je installatie. Wat zou je dan zeggen?
Misschien: Maak je niet zo druk. Of: Stel meer vragen. Of: Je hoeft niet overal iets van te vinden.
Voor mij zou het waarschijnlijk zijn: Vertrouw erop dat je gaandeweg leert wat je moet leren. Want uiteindelijk heb ik in al die jaren één ding geleerd. Goed raadslidmaatschap zit niet in alles weten. Niet in de meeste spreektijd. Niet in het winnen van ieder debat. Het zit in nieuwsgierigheid. In luisteren. In blijven leren. En in het besef dat je er bent voor iets dat groter is dan jezelf.
Voor inwoners. Voor je gemeenschap. Voor de lokale democratie.
En misschien is dat wel de belangrijkste les van de eerste 100 dagen. Je hoeft niet perfect te zijn. Je hoeft niet alles te weten. Je hoeft alleen bereid te zijn om iedere dag een beetje beter te worden dan gisteren.
Voor mij persoonlijk zijn deze 100 dagen anders geweest dan ik vooraf had gedacht. Twee maanden geleden nam ik afscheid van het raadslidmaatschap. Een besluit dat ik vanwege mijn gezondheid moest nemen. Maar juist daardoor heb ik de afgelopen periode ook vanuit een andere positie naar de lokale democratie mogen kijken. Niet meer vanuit de raadzaal. Maar ernaast. Als observator. Als ondersteuner. Als raadsadviseur.
En misschien wel met minstens zoveel betrokkenheid als daarvoor. Want één ding weet ik zeker: functies veranderen, maar betrokkenheid voor het lokale bestuur blijft.
Dank aan iedereen die de afgelopen weken heeft meegelezen, gereageerd of ervaringen heeft gedeeld. En voor alle raadsleden die nu aan hun eerste periode beginnen: succes! Niet met de volgende 100 dagen. Maar met alle dagen daarna.
En als afsluitende vraag: wat zou jij vandaag tegen jezelf zeggen op de dag van je installatie?